terug naar nieuws kies een andere ronde
In het laatste nummer van Schaaknieuws stond een wedstrijdverslag met bij elke
partij een toepasselijke song-titel. Ik, nooit te beroerd tot kopieergedrag, ga
dit voor deze column over onze strijd tegen de Polderboys ook eens proberen.
Mijn trouwe lezers verwachten elke keer wat anders en de lat moet steeds hoger.
Best een lastige klus want 80% van de songs gaat over de liefde en daar weer
80% van over verloren liefdes, dus dat schiet niet op, ook al zullen grapjassen
zeggen dat ik een ervaringsdeskundige ben. Stel je neemt de naam als
inspiratiebron, Greevenbosch en vd Esschert, ik bedoel maar. Gelukkig doen er twee
Martijn London (2040) - J. Huijzer (1917): ½ - ½
Give it away – Red hot chilli peppers
De voormalige chefkokmeeuw, nu ZZP-er, kwam al vroeg in een
potremise-stelling, maar wist toch 2 pionnen voor te komen. Martijn raakte
echter beide kleinoden in een lastig eindspel weer kwijt.
Bert Meester (2020) - T. Draisma (1822): 1 - 0
Don’t think twice, it’s alright – Bob
Dylan
Om half elf hadden beide spelers pas 12 zetten gedaan, maar die waren aan
Bert wel besteed: hij kwam 1, 2, 3, 4 pionnen voor.
(Red.: Klik op deze link om een bijdrage van Bert
Meester over deze partij te lezen.)
George vd Esschert (1992) - D. Stapersma (1819): 1 - 0
The worker - Fischer Z
Om in stijl te blijven. The Boss moest er voor werken en er rustte een
zware taak op zijn jonge schouders: het debuut als teamleider van VDS. Om met
mijn zoon te spreken: we hebben slechtere gehad. Hij wist ook nog, en
natuurlijk als laatste, te winnen.
Henk Greevenbosch (1873) - M. Beenhakker (1693): 1 - 0
Little by little – The Stones
Henk speelde onverstoorbaar met kleine dreiginkjes, beetje bij stukje werd
de druk ( Under pressure) opgevoerd
met een onafwendbaar resultaat.
Erwin Greven (1903) - H. Larooij (1669): 1 - 0
Wild horses – The Stones
Daddy Cool speelde weer secuur, wat resulteerde in kwaliteitswinst. Alleen
moesten de twee witte paarden nog getemd worden. Nou, dat ging Erwin goed af.
Carlo Buijvoets (1764) - T. vd Plas (1649): 1 - 0
One – U2, Metallica, Cash
Carlo bracht het eerste punt binnen. De tegenstander vloog erin met een
gambiet in het Scandinavisch. Een vorkfoutje leverde Carlo een stuk op. Nog
even secuur spelen en alle geintjes pareren.
Frank London (1770) - T. Kuijpers (1617): ½ - ½
Give peace a chance – John Lennon
Op de geboortedag van Lennon (tip van Johan) was the Old Man, Old en Wise en vredelievend, na kansen gemist te hebben.
Eigenlijk hoort er bij verjaardagen het nummer Give peace a cake”, maar dat is te makkelijk.
André Schols (1786) - B. Bakker (1644): 0 - 1
Help! – The Beatles
En dan de nul nog. Toen André uit R… (nee, niet leuk) stond hij best
lekker, maar dat was B4 (ik zal ’m maar uitleggen: before,) hij op C5 met
aftrekschaak liet slaan (Help!) en een zwarte pion op E2 kreeg (Help!).
Een mooie overwinning (6 – 2) en we staan bovenaan. Nu geen voorbarige
songteksten van Queen graag, maar ik kan u
wel voorspellen: You ain’t seen
nothing yet..
Dat was het weer. Ik hoor mijn fans echter morren: “Waar is onze portie
cultuur, Frank?”.
“Waarde fans, dit is een wedstrijdverslag”. OK, nog een mooi verhaal dan voor
het slapen gaan.
Harm (homo ludens), onze vogelaar, heeft trouwens niets met achterstandswijken,
was weer eens op pad om tijdens de vogeltrek te spotten; dit keer naar de
zuidpunt van Zweden. Vanuit Denemarken lag de boot klaar om te vertrekken, toen
er een uitgeput, zielig roodborstje (erithacus rubecula) voor Harm’s voeten
neerstreek. Deze RoBo, zo noemen ze die, kon na de zware overtocht geen piep
meer zeggen.
U begrijpt het al: het lieve beestje voer het hele end mee terug naar Zweden.
Kijk, bij zo’n verhaal houd ik het niet droog. Een schaakpartij verliezen maakt
me niks, maar zo’n vogeltje. Dat doet me denken aan een gedicht van Rutger
Kopland:
Jonge Sla
Alles kan ik verdragen,
het verdorren van bonen,
stervende bloemen, het hoekje
aardappelen kan ik met droge ogen
zien rooien, daar ben ik
werkelijk hard in
Maar jonge sla in september,
net geplant, slap nog,
in vochtige bedjes, nee.
Bedroefd maar Dankbaar, Frank London
Individuele
resultaten VDS 1 in de OSBO-competitie 2008-2009 klasse 1A, ronde 1
|
Bord |
VDS 1 (1894) |
Lelystad 1 (1729) |
6 - 2 |
|
1 |
M. London (2040) |
J. Huijzer (1917) |
½ - ½ |
|
2 |
B. Meester (2020) |
T. Draisma (1822) |
1 – 0 |
|
3 |
G. van den Esschert
(1992) |
D. Stapersma (1819) |
1 – 0 |
|
4 |
H. Greevenbosch
(1873) |
M. Beenhakker
(1693) |
1 – 0 |
|
5 |
E. Greven (1903) |
H. Larooij (1669) |
1 – 0 |
|
6 |
C. Buijvoets (1764) |
T. van der Plas
(1649) |
1 – 0 |
|
7 |
F. London (1770) |
T. Kuijpers (1617) |
½ - ½ |
|
8 |
A. Schols (1786) |
B. Bakker (1644) |
0 - 1 |
Reactie van Bert
Meester
Frank deed op de volgende wijze verslag van mijn partij tegen
Lelystad:
"Bert Meester (2020) - T. Draisma
(1822): 1 - 0
Dont think twice, its alright - Bob Dylan
Om half elf hadden beide spelers pas 12 zetten gedaan, maar die waren aan Bert wel
besteed: hij kwam 1, 2, 3, 4 pionnen voor."
De stand waar Frank op doelde ontstond na 12. ... Pc6-e7, een zet waar mijn tegenstander 21 minuten over nadacht.

"Don't think twice" is gemakkelijk gezegd maar reeds na 3 zetten
stond een stelling op het bord waarover bij mijn weten geen enkele theorie
bestaat.
Ooit schreef Frank over een partij tussen ons beiden (2004-2005 ronde 12)
"Wat is schaken toch rijk" toen al na 2 zetten een stelling was
ontstaan "die Frank in 2100 partijen nog nooit eerder op het bord had
gehad".
Toegegeven, we deden er nu 1 zet langer over (1. f4 f5 2. e4 fxe4 3. d3 – een soort From
gambiet (1. f4 e5 2. fxe5 d6) in de voorhand – 3. … e3!?) om op volkomen
onbekend terrein te geraken, maar vanaf dat moment rustte wel de zware taak op
ons om een stevige basis te leggen voor een stuk nieuwe theorievorming. Hier
werd zogezegd de moederpartij gespeeld van wat wellicht de geschiedenis in zal
gaan als 'De Draisma Variant', 'De Beekbergse Doorschuifvariant' of
misschien wel gewoon 'Het geweigerd From
gambiet in de voorhand'.
Vanwege deze door beiden gevoelde zware verantwoordelijkheid bedachten we ons
wel 2 keer voordat we een zet uitvoerden, teneinde deze moederpartij een waardige
plek in de openingsliteratuur te bezorgen.
Frank merkt in zijn verslag dan ook volkomen terecht op dat de eerste 12 zetten
'wel besteed' waren. Alleen het aantal pionnen dat ik in het vervolg voor kwam
(1, 2, 3, 4) geeft hij wat geflatteerd weer. In werkelijkheid reikte ik nooit
verder dan een voorsprong van 3 pionnen:
13. Lb3 Dc7 14. fxe5 dxe5 15. Pc3 0-0-0 16. e4 Pf5 17. Lxc5 (dat is 1) 17. ... Pd4 18. Lxd4 exd4 19. Pxf6 gxf6 20. Txf6 (dat is 2) 20. ... De5 21. Df3 De3+ 22. Dxe3 dxe3 23. Te1 Tde8 24. Tf3 e2 25. Tf2 Lg4 26. h3 Lh5 27. g4 Lg6 28. Txe2 (dat is 3).
Op zet 39 wist mijn tegenstander zelfs een pion terug te veroveren maar wachtte vervolgens niet tot hij er nog een terug zou krijgen. Waarschijnlijk omdat hij al had uitgerekend dat ik hem voor een dame in zou ruilen.
Ik hoop met deze aanvulling op Franks verslag eventuele onjuiste
beeldvorming rond deze partij de kop in te drukken.
Hier werd niet zomaar wat aangeklooid, hier werd geschiedenis geschreven!
Terug naar het wedstrijdverslag van Frank London
Naar aanleiding
van bovenstaande reactie
van Bert klom Johan van Ommen in zijn toetsenbord om de ware geschiedenis zijn
loop te gunnen. Volgens Johan, en overigens ook volgens Frank London die eveneens
de onterechte claim van Bert op het schrijven van geschiedenis wilde
bestrijden, was de gespeelde variant allesbehalve nieuw. Onderstaand de reactie
van Johan (bewerkt door jullie hoogsteigen webredacteur), geïllustreerd met
enkele fraaie foto’s uit de oude doos.
Aleksandr Aleksandrovitsj Aljechin (Александр
Александрович
Алехин)

Deze man, die mij trouwens vaag aan de Londons (Martijn!) doet denken, werd
geboren in Moskou in 1892 en in 1936 speelde hij met zwart op de 3e zet e3 in
het Zwitsers van de Bird's Opening. Dat betekent dus dat wat er in de partij
Meester ‑ Draisma op het bord kwam allesbehalve nieuw is.
Natuurlijk is 1936 een ijkpunt, basisjaar, in het geheugen van elke VDS-er
gegrift, 8 maart 1936... Say no more... En - een detail, maar toch ook het
vermelden waard - Euwe wereldkampioen. Waarna Aljechin aan de drank ging en
terugkwam om Euwe te verslaan in 1937. Alles wat in 1936 op schaakgebied
passeerde is voor een VDS-er van belang; daarom ben ik bijzonder verheugd dat
de heer Draisma van Lelystad onze oprichters en voorgangers eer bewees door op
de derde zet e3 te spelen met zwart en zo Bert de kans te geven eigenlijk
alsnog na 73 jaar Aljechin te verslaan.
Quizvraag voor Bert:
Wie op deze foto uit 1936 speelde met wit en wie met zwart en waar is dit?

Het antwoord is Bad Podebrad (of Podebrady), Jiri Pelikan – Alexander Aljechin en de partij eindigde in remise. Hier komt het onderschrift met alle namen:

Onder de theoretici van de club, zoals H.M., is het trouwens een bekende
stelling, maar net als Frans spelen de echte schakers het niet meer.
Zwitsers? Pah, veel te neutraal. Uitgekauwde gatenkaas. Voor hen zijn de
nieuwtjes oudjes geworden, maar Harry wil het Bert vast nog wel een keer
uitleggen.