Het OSBO-seizoen van VDS 1 in retrospectief
(en wat verder nog ter toetsenbord komt)

terug naar nieuws              kies een andere ronde

Slechts een paar uur na onze mislukte greep naar promotie (Veenendaal handhaafde zich in de KNSB) vluchtte ik gedessi   uhh…teleurgesteld naar Frankrijk om mijn wonden te likken.
Geheel tot rust gekomen kon ik onder het genot van een zonnetje en een croissantje het seizoen evalueren en mensen, het was geen pretje.
VDS 1 speelde vier keer gelijk en verloor één keer met 3½-4½. Vijf keer was een half bordpuntje, en dus een vol matchpunt, voldoende voor promotie. Ik heb onderzocht dat de acht spelers en vier invallers zich 26x kunnen verwijten dat ze VDS in de ellende gestort hebben.
De top-verzakers: Zelf wist ik al dat ik het 4x had laten liggen (van de meest schrijnende blunder ziet u zo een diagram; het lukt slechts met de grootste moeite om dit weer te reproduceren), maar ook Johan en Erwin overkwam dit vier keer.
Zo kan een ieder bij zich zelf te rade gaan, waar hij de promotie van VDS verziekt heeft.
Het ergste was natuurlijk onze nederlaag tegen degradant Meppel 2. Zelf kreeg ik deze stelling dus tegen dhr. Wijnstok na de volgende 16 zetten:
1. e4 c6 2. d4 d5 3. e5 Lf5. 4. Pc3 e6 5. g4 Lg6 6. Pe2 f6 7. Pf4 fxe5 8. Pxg6 hxg6 9. dxe5 Pd7 10. Lf4 Lc5 11. Ld3 Pe7 12. De2 Dc7 13. 0-0-0 0-0-0 14. a3 Tdf8 15. Lg3 Ld4 16. Pb1

Gewoon mat dreigen met Db6 en dan zonder risico op f2 slaan.
Nee, Frank kijkt alleen naar slaan op e5 (te gevaarlijk) en doet Lb6??
Ik ben dan ook in gesprek gegaan met het bestuur over mijn presteren als teamleider. Anders dan in de media gesuggereerd wordt, bepaal ik zelf of en wanneer ik opstap. Een gedeelte van de selectie is voor mij als teamleider naar VDS gekomen. Tevens hebben enkele spelers verzekerd dat ik ze dit seizoen beter heb laten spelen.
De komende weken zal ik een besluit nemen.
Om op de jaarvergadering het gezeur van mezelf over het OSBO-seizoen van het eerste niet aan te hoeven horen, hier vast de resultaten en misschien zit ik dan wel weer in Frankrijk om openingen te bestuderen.

Spelers

Punten

Gespeeld

Martijn London

3

5

Bert Meester

3

6

George van den Esschert

7

Erwin Greven

4

7

Frank London

3

7

Johan van Ommen

5

André Schols

3

6

Frits Wilbrink

5

7

Invallers

6

Wat heb ik verder nog te zeuren?

In het Open Voorst moest ik maandag tegen Kraaykamp. Na een offer mijnerzijds en tegenoffer van de Kraay wist ik een “paard tegen paard en 2 pionnen eindspel” remise te houden.
Op het vallen van zijn vlag werd tot remise besloten. Achteraf gezien, was ik even vergeten, heeft de lonely-horse-partij matpotentieel. Probeer maar eens. Niet dat ik het geclaimd zou hebben. Maar stel dat je met je team bijvoorbeeld naar de promotieklasse kunt promoveren of stel dat je tegen bijvoorbeeld Carlo aan het vluggeren bent?!

Verder ben ik nog bezig met een essay over Schaken en Dichten. Ik probeer echt alles om het culturele nivo van onze leden op een hoger plan te krijgen. Bij het zoeken op internet typte ik tegen Buddingh aan. In 1953 schreef hij een thriller Vrijwel op slag, waarin de hoofdpersoon een schaker is. Zijn sanatoriummaatje Orbaan zou hiervoor model gestaan hebben.
Dat boek moest ik dus hebben. Uit België, via een obscuur antiquariaat, met een prachtige originele Bruna-tekening op de stofkaft. Ik heb het nog niet gelezen. Ja, pensionado’s moeten woekeren met hun tijd. De eerste zin: “Wat denk je, nog eentje?” En hier wordt geen borrel bedoeld!

Uw nederig teamleider van VDS 1

top