Koerscorrectie VDS 2 geslaagd

terug naar nieuws              kies een andere ronde              individuele resultaten

Er kwam een kink in de kabel van de reeds eerder uitgesproken kampioensaspiraties van VDS 2 toen het team door de jeugd van De Toren uit Arnhem te kijk werd gezet in ronde 3. Daarna liep VDS 2 achter de feiten aan en stond het 2 matchpunten en 2½ bordpunt achter op Schaakstad 6 en 1 bordpunt op Wageningen 5. Een koerscorrectie was derhalve absolute noodzaak om de kans op de titel in leven te houden of, sterker nog, nieuw leven in te blazen. Op donderdagavond 14 februari 2008 kregen we daartoe een uitgelezen kans omdat we toen koploper Schaakstad 6 in een thuiswedstrijd konden verslaan. Ons allen maar al te bewust van de belangen die op het spel stonden trokken we ten strijde. Wat gemiddelde rating betreft waren we ruim in het voordeel, maar dat zegt natuurlijk niet alles. Schaakstad wist ook maar al te goed wat er voor hun op het spel stond en ze hadden zich versterkt met invaller Rob Amato die met de hoogste rating van de tegenstanders ondergetekende op het tweede bord te lijf ging. Rob vertelde mij later dat hij eigenlijk in het vijfde team van Schaakstad speelt, maar hij staat niet bij de vaste spelers van dat team en was derhalve speelgerechtigd. Een kleine domper op de hooggespannen verwachtingen was voor mij de aanblik van onze eerste bordspeler Harm Schoten. Meestal rijdt hij met mij mee vanuit Deventer en dat was ook nu de afspraak, maar dit keer belde hij laat in de middag op om mij mee te delen dat hij rechtstreeks naar Beekbergen zou gaan omdat hij met de trein onderweg was vanuit Den Haag naar huis. Toen Harm klokslag 8 uur arriveerde in het Dorpshuis zag hij er bekaf uit: zware dag gehad! “Als dat zijn concentratie maar geen afbreuk doet”, was mijn eerste gedachte. Even later werden de klokken in werking gesteld.

Naast mij speelde Hans Hertgers met zwart aan bord 3 tegen een van de actiefste mensen uit de Apeldoornse schaakwereld, Karel van Delft. Hans had zijn zaakjes goed voor elkaar en op een bepaald moment zag ik dat hij een stuk had gewonnen tegen 2 pionnen. Toen Hans vervolgens de twee verbonden vrijpionnen van Karel op de b- en de c-lijn geen schijn van kans op overleven gaf, was het lot van de witspeler snel bezegeld en kon VDS zijn eerste punt bijschrijven.

Op het vijfde bord speelde mijn Franse vriend Arie van Veen met zwart een Franse partij. Het werd een vreemde doorschuifvariant waarin de witspeler vroeg in de partij g3 speelde. Die zet is mij onbekend in de doorschuifvariant en Arie klaarblijkelijk ook. Hij wist geen gebruik te maken van die ongebruikelijke voortzetting en, het zal een bepaalde aanwezige supporter in het geniep goed hebben gedaan, Arie verloor. De stand was weer gelijk.

Ikzelf speelde met wit aan bord 2 en had me verheugd op een Morragambiet of een Koningsgambiet, maar Rob vertelde mij achteraf dat hij op onze website had gezien dat ik het Koningsgambiet speel en daar had hij geen zin in. Dus koos hij voor de Moderne Verdediging, wat onze Dokwerker ook wel op zijn programma heeft staan. Na de 16e zet van zwart is de rechter diagramstelling bereikt. Ik voel me bepaald onprettig in deze stelling waarin ik moet beslissen of ik de pion op d4 terugsla om vervolgens druk van de zwarte dame en loper te krijgen op mijn d-pion met daarachter mijn dame en koning op één diagonaal of voor een andere oplossing. Ik besluit actief te spelen en zelf druk te gaan zetten op f7 door 17. Df2 te spelen. Rob antwoordt met 17. … Pc5??, een zet die mij nogal verraste. Ik had rekening gehouden met dxc3 met pionwinst voor zwart en met Pe5 met extra dekking van f7. De zet Pc5 krijgt van Fritz twee vraagtekens en daarbij de opmerking dat zwart de winst uit handen geeft. Na de partij zei Rob tegen mij dat hij zich niet gerealiseerd had dat hij op zet 17 zo goed had gestaan. Ik dek nu mijn e-pion met 18. Dh4 waarmee ik tevens dreig te matten op h7, vandaar 18. … h5. Nu speel ik 19. Dg5 met aanval op het paard op c5 en tegelijkertijd op de pion op g6, maar dat laatste detail had Rob gemist en hij dekt zijn paard met 19. … De5?? waar Dd6 een veel betere optie was. Ook De5 krijgt van Fritz twee vraagtekens. Ik zie dat Rob duidelijk uit balans is gebracht na mijn antwoord 20. Dxg6. Er volgt 20. … Pe6 en nu kan wit de partij mooi beslissen met 21. Txf7 Df6 22. Dxf6 Lxf6 23. Tf3 Kg7 (of Kf8) 24. Lxf7 Kxf7 25. e5 en wit wint een stuk, maar die variant heb ik gemist. Ik koos voor 21. Df5 Dxf5 22. exf5 Pc5?? Grappig detail is hier dat ook de tweede keer dat zwart Pc5 speelt, deze zet van Fritz twee vraagtekens krijgt. 22. … Pg5 23. Txf5 Ph7 was nog net speelbaar geweest voor zwart. Nu schuif ik de koningsvleugel van zwart dicht met 23. f6 Lh6 24. cxd4 en nu is de slotstelling in het linker diagram bereikt. Rob was zo gefixeerd op het in de hoek jagen van mijn koning dat hij hier even vergat dat ik met mijn laatste zet zijn paard aanviel. Hij wilde á tempo Le3+ spelen en toen hij de loper al in zijn hand had, realiseerde hij zich pas dat de zwarte pion van d4 was verdwenen en dat deze dus de loper geen dekking meer kon geven. Hij gaf op. VDS nam weer een voorsprong: 2-1.

Nu kon ik mijn aandacht helemaal richten op de resterende borden en omdat ik steeds al met een schuin oog de verrichtingen van Harm aan bord 1 naast mij had gadegeslagen, ging daar vooral mijn aandacht naar uit. Ik moet er meteen aan toevoegen dat ik daar niet echt vrolijk van werd. Op een bepaald moment speelde de tegenstander van Harm zijn koning van g1 naar f1 en toen kon Harm geforceerd mat in twee geven met Dh2 en Dh1#. Harm zag het wel, maar te laat. Hij speelde een paard naar het centrum en vervolgens had ik een korte conversatie met Henk Greevenbosch.
Henk: “Het is nog steeds in alle varianten gewonnen voor Harm.”
Ik, grappend: “Dat zie ik ook, maar wedden dat Harm precies die ene variant vindt die niet wint. Maar dat ik dit gezegd heb moet je hem niet vertellen hoor. Dan denkt hij dat ik geen vertrouwen in hem heb.”
Henk, met een blik in zijn ogen waarin ik reeds ‘clubkampioen’ meende te lezen: “Ik beloof niets.”
Vooral om deze laatste opmerking van Henk breng ik deze conversatie in de openbaarheid zodat jullie ervan overtuigd kunnen zijn dat ik als competitieleider niet chantabel ben. Echter, helaas bleken mijn woorden profetisch te zijn geweest. Harm won weliswaar een stuk maar deed dat door met de toren in plaats van met de dame te slaan. Daardoor kreeg zijn tegenstander nog net de mogelijkheid om het mat te voorkomen en daarbij ook nog een stuk terug te winnen. De partij liep Harm als los zand tussen de vingers door en hij kwam met een pion achterstand en veel minder tijd uit de complicaties. Toen koos zijn tegenstander ervoor dameruil met daarbij remise aan te bieden, waarschijnlijk omdat hij allang blij was dat hij nog leefde. Harm hoefde niet te overleggen met de teamleider en greep het halfje met beide handen aan onder het motto ‘een half ei… etc’. De tussenstand kwam op 2½-1½.

Op bord 4 speelde Frans van den Berg met wit. Heel kort nadat Harm zijn halfje had binnengehaald en ik nog met hem aan het napraten was over zijn partij, zag ik Frans rondlopen en ik vroeg: “En?” “Ik had een heel gemeen trucje”, zei Frans met een satanische grijns om zijn mond en hij liet het me zien. Ter illustratie geef ik het rechter diagram waarin wit aan zet is. Let wel: het is niet de exacte stelling op het bord van Frans, maar alleen bedoeld om de truc te laten zien.
Zwart heeft zojuist de toren naar d4 gespeeld met het idee de pion van wit te winnen. Frans speelde nu echter 1. d6+ en zwart mag de pion niet nemen wegens KxT. Kiest zwart nu voor 1. … Td5 dan volgt 2. Txd5 Kxd5 3. dxe7 en promotie is niet meer te voorkomen. Speelt zwart 1. … Kc4 dan volgt meteen 2. dxe7 en ook dan is de promotie niet te voorkomen. Het moge duidelijk zijn dat Frans, vanwege het welslagen van deze gemene truc, de partij gewonnen had en daarmee VDS 2 de winst had gebracht: 3½-1½.

Als een echte kapitein was het teamcaptain Frank Nelemans op bord 6 die als laatste het schip verliet. Alleen zijn partij was nog gaande en omdat ik daar helaas weinig van gezien heb, heb ik hem verzocht daar zelf iets over te schrijven. Frank meldt:
Ik kwam goed uit de opening. Op een gegeven moment kon ik twee pionnen winnen en dat deed ik ook, maar dat ging ten koste van mijn stelling. Na een lang gevecht moest ik toch de vlag strijken.
Eindstand: 3½-2½.

Na deze overwinning is VDS 2 het team van Schaakstad 6 tot op anderhalf bordpunt genaderd. In het weekend las ik op de website van de OSBO dat ook de andere titelkandidaat in onze poule, Wageningen 5, door de jeugd van De Toren met 3½-2½ verslagen is. Wageningen lijkt dus afgeschud en die anderhalf bordpunt achterstand op Schaakstad… tja, die moeten we op de een of andere manier zien weg te poetsen. Er volgen nog twee spannende slotronden waarin wij het tegen de twee laagst geplaatste teams in onze poule moeten opnemen en Schaakstad nog tegen Wageningen en Rhenen moet spelen. Op papier hebben we dus nog een goede kans, maar dan moet er wel gescoord worden en geen mat-in-twee meer over het hoofd gezien!

Tot slot wil ik Harry Mulder nog even bedanken voor zijn optreden als supporter deze avond. Jammer voor hem was wel dat hij natuurlijk weer geconfronteerd werd met zijn ergste nachtmerrie, de Franse opening. Toen Harry nog maar net binnen was hoorde ik Frank London tegen hem zeggen: “Harry, ik moet je helaas meedelen dat ik vanavond op drie borden de Franse opening heb gezien.” Het mag dan ook geen verwondering wekken dat Harry niet tot het eind is gebleven.
Harry, au revoir!

Carlo Buijvoets

Individuele resultaten VDS 2 in de OSBO-competitie 2007-2008 klasse 3C, ronde 5

Bord

VDS 2 (1703)

Schaakstad 6 (1627)

3½ – 2½

1

H.H. Schoten (1795)

R. Bos (1621)

½ - ½

2

C.M. Buijvoets (1754)

R. Amato (1696)

1 - 0

3

J. Hertgers (1669)

K. van Delft (1658)

1 - 0

4

F.L. van den Berg (1773)

G. Heimerikx (1564)

1 - 0

5

A.W. van Veen (1684)

P. Grasman (1590)

0 - 1

6

F. Nelemans (1541)

S. Maroof (1631)

0 - 1

top