Kommer
en kwel voor Bennekommers
terug naar nieuws kies een andere ronde individuele resultaten
De aftrap voor VDS
Aan bord drie speelde Hans Hertgers met
zwart een Nimzo-Indische partij die volgens de
theorie verliep. Er werd door geen van beiden dan ook wezenlijk voordeel
behaald uit de opening en toen in het vervolg van de partij de dames waren
afgeruild werd de vrede getekend en kwam de eerste tussenstand op het scorebord:
½ ‑ ½.
Voor hij met vakantie ging speelde Arie
van Veen in de Persoonlijke Kampioenschappen van de OSBO op de eerste speeldag
twee ongelukkige partijen die hij allebei verloor. Naderhand mailde hij mij
toen: “Voorlopig heb ik het even helemaal gehad met schaken.” Daarom vroeg ik
Arie voorafgaand aan de wedstrijd of hij een beetje hersteld was van die
teleurstelling. “We zullen zien,” was zijn antwoord. Welnu, hieronder het
verslag van Arie over zijn eigen partij.
Ik speelde aan bord vier met wit tegen M.
van der Molen van Bennekom. Hij heeft een rating van 1690, dus nagenoeg gelijk
aan mijn rating van 1684. De partij ging ook lange tijd gelijk op. We speelden
het zogenaamde Schotse gambiet. Dat mag ik wel maar door verwisseling van
zetten zag ik een combinatie met slaan op f7 over het hoofd. Dit is eigenlijk
een veel voorkomende combinatie in het Schots, niet meteen winnend, maar wel
een leuk voordeel. Afin, dus over het hoofd gezien. Bovendien kreeg zwart het
initiatief en moest ik veel werk verzetten om niet achterop te geraken. In het
middenspel sloeg zwart met een paard mijn pion op e4 dat ogenschijnlijk niet
genoeg gedekt was. Het paard kwam echter na een combinatie van zetten in de
penning te staan voor de zwarte dame. Om het paard te redden moest zwart twee
pionnen geven waardoor ik er dus één voor kwam te staan. Dit voordeel wist ik
vast te houden tot het eindspel waarin we allebei nog een toren hadden en
enkele pionnen. Ik dus één meer. Nog lang niet makkelijk. Op een bepaald moment
wist ik met mijn toren nog een pion te verschalken van zwart waardoor ik twee
verbonden vrijpionnen kreeg op de g en de h‑lijn.
Mijn toren kwam door het slaan van de pion echter even niet actief te staan
terwijl zwart bovendien twee sterke centrum pionnen had die ook maar zo zouden
kunnen doorstoten. Spannend, spannend, spannend. In dit soort situaties kun je
ook maar zo verliezen.
Uiteindelijk gaf mijn vrijpion op de g-lijn de
doorslag en was niet meer tegen te houden. Zwart gaf daarna op.
Arie bracht VDS 2 dus op voorsprong: 1½ ‑ ½.
De volgende partij die tot een einde
kwam was die van Frans van den Berg aan bord 1. Ik heb die partij niet gevolgd,
hoewel ik ernaast zat, maar wel gezien dat het evenwicht eigenlijk nergens
verbroken werd. De uitslag was dan ook een regelmatige remise waardoor de
tussenstand op 2 ‑ 1 kwam.
Daarna was het de beurt aan onze
invaller Chris Plante om zijn partij te beëindigen. Chris speelde met wit aan
bord 6 en schrijft zelf over zijn partij:
Na een gelijkopgaande opening waarin de Bennekommer wel erg veel tijd gebruikte, dacht hij in het
eindspel een “volle” pion te winnen. Echter, Chris won in dit geval een “volle”
loper. Met nog zes minuten op de klok tegen 45 voor Chris, besloot hij te
capituleren.
Hierdoor kwam VDS 2 op een 3 ‑ 1 voorsprong en kon de
wedstrijd in ieder geval niet meer verloren worden.
Ondergetekende, Carlo Buijvoets, speelde met wit op bord 2.
Na een Koningsgambiet met 3. Lc4 in plaats van het meer gebruikelijke
3. Pf3 kwam mijn tegenstander niet lekker uit de opening. Hij kende deze
variant niet en zwoegde zich vanaf het begin puffend en steunend door de
partij. Hij kwam met zijn dame in de verdrukking op de h-lijn
en moest zeer alert blijven om deze niet te verliezen. Een beslissend moment
deed zich voor op de 20e zet toen ik door zwart, die zojuist 19. … Dg6‑f7 had
gespeeld, in de gelegenheid werd gesteld om 20. Lf4‑h6 te spelen (zie diagram). Ik zou minimaal een
kwaliteit gaan winnen, maar mijn tegenstander koos ervoor om een paard te
geven. Vanuit de diagramstelling volgde 20. … Pce5 21. dxe5 en
het stuk zat in de knip. In het vervolg streed zwart natuurlijk voor een
verloren zaak en op de 33 zet, toen hij in hevige tijdnood ook nog een
kwaliteit weggaf, accepteerde hij zijn lot en gaf op. Bij een tussenstand van
4 – 1 was de winst veilig gesteld.
Aan bord 5 kon onze teamlijder zijn ei
kwijt. De druiven die hij daar plukte waren echter Suur(ing). Hij was ergens een pion en enkele minuten achter
gekomen, maar het zag ernaar uit dat hij er nog wel remise uit kon slepen. In
de tijdnoodfase ruilde Frank echter iets te voorbarig materiaal af waardoor een
eindspel restte met alleen dames en nog steeds een pluspion voor de
tegenstander. Die pluspion was nu zelfs een vrijpion geworden en hoewel Frank
alles uit de kast haalde om toch nog een halfje uit het vuur te slepen,
constateerde wedstrijdleider André Schols uiteindelijk dat zijn vlag was
gevallen. De eindstand kwam hiermee op 4 – 2 voor VDS 2 en de eerste
stap richting kampioenschap is daarmee gezet.
Carlo Buijvoets
Individuele
resultaten VDS
|
Bord |
VDS 2 (1673) |
Bennekom 3 (1626) |
4½ - 1½ |
|
1 |
F.L. van den Berg (1773) |
C. Struijk
(1658) |
½ - ½ |
|
2 |
C.M. Buijvoets (1754) |
M. Maasse
(1651) |
1 - 0 |
|
3 |
J. Hertgers (1669) |
J. de Bruin (1578) |
½ - ½ |
|
4 |
A.W. van Veen (1684) |
M. van der Molen (1690) |
1 - 0 |
|
5 |
F. Nelemans (1541) |
A. Suuring
(1584) |
0 - 1 |
|
6 |
C.T. Plante (1618) |
S. van der Schaaf (1592) |
1 - 0 |