Weeralarm helpt VDS

terug naar nieuws              kies een andere ronde              individuele resultaten

Op 18 januari 2007 stond de sleutelwedstrijd in klasse 2B van de OSBO-competitie tussen VDS 1 en Pallas 2 op het programma maar een door het KNMI uitgevaardigd weeralarm in verband met storm deed de Palladianen afzien van een reis naar Beekbergen en de wedstrijd werd met instemming van de competitieleider uitgesteld. Overigens togen op diezelfde avond wel zes dappere mannen, spelers van het tweede team van VDS, weer en wind trotserend naar Deventer om daar een uitwedstrijd te spelen. Deze klasbakken is geen storm te hevig om de eer van hun club te verdedigen. Eén van hen kwam zelfs speciaal vanuit Rotterdam voor dit doel. Maar goed, Deventenaren zijn geen Beekbergers en misschien was het wel de wijsheid, hen ingegeven door de godin Pallas Athene (godin van de wijsheid, oorlog en vrede), die hen deed besluiten thuis te blijven. Hoe dan ook, de twee weken daarna kon VDS niet in de basisopstelling aantreden en daarom zou de inhaalwedstrijd drie weken later plaatsvinden, op 8 februari dus. En wie schetst onze verbazing, op de avond van 7 februari komt het KNMI opnieuw met een weeralarm, dit keer in verband met verwachtte sneeuwval. Iedere VDS'er zal ongetwijfeld gedacht hebben: "Als de wedstrijd nu maar wel doorgaat en de Palladianen nu maar wel de moed bijeenrapen om het weeralarm in de wind te slaan." Dat deden de Palladianen inderdaad. Het viel trouwens ook heel erg mee met de situatie op de wegen die avond. Er was minder sneeuw gevallen dan verwacht en de wegen waren er alweer vrij van, dus geen enkel probleem zou je zeggen. Dat was het ook niet, maar toch twijfelde één persoon aan de moed van de Palladianen. Dat, zo hoorde ik later uit zijn eigen mond, was de vijfde bordspeler van Pallas. Hij zou op eigen gelegenheid naar Beekbergen gaan om zijn teamgenoten daar te treffen. Hij reisde met het openbaar vervoer en kwam om kwart over zeven voor een dichte deur van het Dorpshuis. Geen beheerder en geen schakers aanwezig! Dus ging hij maar even naar een café om aldaar te horen over het weeralarm en te zien dat zijn bus op het punt van vertrekken stond. Hij concludeerde vervolgens dat het weeralarm zijn teamgenoten wel weer in Deventer zou hebben gehouden, stapte in de bus en bezorgde zo VDS een eerste bordpunt. Makkelijker kunnen we ze niet krijgen, maar toch spelen we liever voor de punten. 'Noblesse oblige' zullen we maar zeggen, zeker voor een team met kampioensaspiraties. En wie van de VDS'ers was het haasje? Harm Schoten, die om diverse redenen dit seizoen nog maar weinig aanwezig was en voor deze belangrijke wedstrijd wel op was komen draven, trof het ongeluk dat hij moest toekijken. Maar, geluk bij een ongeluk, ondergetekende, ook afkomstig uit Deventer, kent de afwezige goed uit het Deventer schaakcircuit en weet dat hij graag een glaasje wijn drinkt. Omdat deze vorm van nattigheid doorgaans niet op de club aanwezig is, had hij speciaal voor de verwachte gast wijn meegenomen naar Beekbergen. En nu was het dus Harm die zich tegoed kon doen aan de heerlijkheden van Dionysus (god van de wijn, van geestdrift en vervoering), een collega van Pallas Athene. Evenzogoed alweer geen partij voor Harm. Zo verleert hij het schaken nog. Maar ja, er was duidelijk geen boze opzet in het spel en het zij de Deventenaren vergeven dat ze met zes man en een vrouw aantraden. Die zeven personen wisten het overigens spannend genoeg te maken, ook al begonnen ze met een 1‑0 achterstand.
Het wedstrijdverloop…

Aan bord 7 speelde Frans van den Berg met zwart een geweigerd damegambiet. Misschien wel geïmponeerd door de naam van zijn tegenstander, De Vries, in combinatie met het winterweeralarm, kreeg Frans niet de tijd om warm te draaien en de partij was nog maar koud begonnen of hij kon al opgeven. Zo trok Pallas de stand al vroeg gelijk: 1 ‑ 1.

Ondergetekende, Carlo Buijvoets, kreeg weer eens zijn geliefde Morra-Gambiet op het bord dat werd aangenomen door de heer Duvekot. Na de elfde zet van zwart, Dc7-b8, was de diagramstelling ontstaan. Ik zette voort met 12. Le3?? In de veronderstelling dat als zwart het paard op d5 zou nemen, dat eenvoudig heroverd kon worden. Dat pakte echter anders uit. De partij ging als volgt verder: 12. … exd5 13. exd5 Pe5 14. Pxe5 Dxe5 Oei, die had ik over het hoofd gezien. Nu heb ik geen aftrekcombinatie met de loper omdat mijn dame dan ongedekt staat. Dus vechten voor remise, was het devies. 15. d6 Ik zette eerst de loper op f8 vast in de veronderstelling dat zwart de pion op d6 niet mocht nemen wegens Txd6 en vervolgens een vernietigend aftrekschaak. Fritz slaat echter ijskoud wel de pion met de loper van f8 en geeft zwart daarna een voordeeltje van 0,25, dezelfde waardering die hij krijgt na de volgende tekstzet. 15. … Lb7. Nu wilde ik mijn dame van de e-lijn wegspelen om te dreigen daar een toren neer te zetten. Ik moest op de zwarte dame jagen en de ontwikkeling van de zwarte koningsvleugel vertragen, dan had ik nog compensatie voor het stuk. Ik dacht de oplossing gevonden te hebben in 16. Dg4, maar Fritz geeft deze zet twee vraagtekens en geeft als veel beter alternatief 16. Dd2. Helemaal mee eens. In de partij volgde nu 16. … De4. Ook deze zet krijgt van Fritz twee vraagtekens. Het alternatief zou zijn 16. … Lxd6. Eens! Mijn blunder werd dus gevolgd door een blunder van mijn tegenstander en zo bleef ik in het zadel. Er volgde: 17. Dxe4 Lxe4 18. Lb6 en zowel ik als Duvekot dachten hier dat zwart zijn stuk voorsprong niet meer kon handhaven. Daarom besloot Duvekot tot 18. … Lxd6 en na het logische vervolg 19. Txd6 0-0 20. Txd7 werd remise overeengekomen en kon ik Frans gaan helpen met de afwas! De tussenstand was nu 1½ ‑ 1½.

Teamcaptain Frank London speelde aan bord 6 met wit een Koningsgambiet en verraste zijn tegenstander na 1. e4 e5 2. f4 Lc5 met de zet 3. Dh5. De Palladiaan vertrok echter geen spier, nam zijn tijd en koos voor een rustige voortzetting met 3. … d6. In het vervolg van de partij is er voor de bezoeker uit Deventer echter iets misgegaan, want op de damevleugel (!), wat op zich verrassend is na een koningsgambiet waarin wit meestal op de koningsvleugel de aanval opent, werd zwart geconfronteerd met twee oprukkende vrije pionnen op de a‑ en de b‑lijn. Deze pionnen kwamen heel ver en lange tijd stonden ze op a6 en b7. Het vergde toen nog enige voorbereiding van Frank alvorens ook de a-pion naar de zevende rij kon. Toen dat eenmaal een feit was, gaf de zwartspeler op, het hopeloze van zijn missie onderkennend. De teamleider bracht zijn team weer op voorsprong: 2½‑1½.

De wedstrijd was nu halverwege en het was nog redelijk vroeg. Het zou lang gaan duren voor de volgende beslissingen vielen. De situatie aan de borden met nog vier partijen een de gang, was als volgt: aan het derde en het achtste bord stonden we slechter, aan bord 2 duidelijk beter en aan bord 1 was de situatie erg onduidelijk. Kortom: de wedstrijd was nog lang niet beslist.

Aan bord 8 werd Frits Wilbrink getrakteerd op een Siciliaanse partij. Deze ontwikkelde zich aanvankelijk redelijk gelijkwaardig, maar naar het eindspel toe werd Frits klem gezet op de onderste rij. Door de laatste torens te ruilen kon zijn tegenstander een pion winnen waarna een eindspel restte met voor Frits een paard en vijf pionnen en voor zijn tegenstander een loper en zes pionnen. Frits vertelde mij achteraf dat hij maar wat blij was geweest dat de torens van het bord verdwenen waren omdat hij nu in ieder geval weer spel had gekregen. Hij stelde zijn koning centraal op om de vijandelijke monarch niet binnen te laten komen, en liet zijn paard de nodige verdedigende taken uitvoeren. Hoewel onze teamleider kort na beëindiging van zijn eigen partij het vertrouwen in de witte stelling opzegde ("Frits gaat verliezen."), had ik op dat moment nog de indruk dat het misschien wel te houden was. Frits is niet voor niets enkele keren onze remisekampioen geweest! En waarachtig, toen de tijdnoodfase volop aan de gang was, wist Frits het halve punt veilig te stellen. Ik weet niet hoe hij het precies heeft klaargespeeld omdat ik op dat moment de notatie van Martijn aan het bijhouden was, maar plotseling geroezemoes aan de andere kant van de zaal en opgelucht kijkende VDS'ers maakten mij de situatie daar duidelijk. De voorsprong bleef in stand: 3 ‑ 2.

Aan bord 3 speelde Erwin Greven een ook Siciliaanse partij. Erwin werd behoorlijk in het nauw gedreven en de problemen waren op een bepaald moment zo groot dat hem een kwaliteit afhandig werd gemaakt. Dat was natuurlijk het moment voor Erwin om de rug te rechten en er eens goed voor te gaan zitten. De winst was met een kwaliteit minder geen optie meer, of zijn tegenstander moest uitverkoop gaan houden. Met een naam als Winkel is dat natuurlijk niet denkbeeldig, maar de voorjaarsuitverkoop was net achter de rug en Erwin moest het op eigen kracht doen. Tegen middernacht viel ook hier uiteindelijk de beslissing. Naar verluid had Erwin een onneembare vesting weten te bouwen waarop zijn tegenstander geen vat kon krijgen, ondanks verwoede pogingen daartoe. Zich dit realiserend schikte ook deze Palladiaan zich uiteindelijk in een puntendeling. Zo had VDS uit twee min of meer verloren gewaande partijen toch nog twee halfjes weten te slepen en bleef de voorsprong behouden: 3½ ‑ 2½.

Op bord 1 speelde Martijn London een Franse partij. Ik heb niet veel gezien van de opening en het middenspel van deze partij, maar des te meer van de slotfase omdat ik toen voor Martijn de notatie bijhield. Dat begon op het moment dat Martijn nog minder dan 5 minuten had en zijn tegenstander nog ongeveer een kwartier. Haast was geboden na een lange schuifpartij en Martijn begon de zaken dan ook te compliceren. De winst leek binnen bereik te komen toen Martijn een loper van de tegenstander op de f-lijn wist te pennen. De witspeler vond echter een oplossing waarbij hij met een tussenschaakje ook een stuk van Martijn wist te winnen en Martijn kwam met een pion minder uit alle complicaties in een eindspel met elk nog een toren. Aangezien de klok van zijn tegenstander harder leek te hebben gelopen dan die van Martijn zelf, had de Palladiaan nu een kleine achterstand in tijd. Voor Martijn was dat een uitgelezen moment om remise aan te bieden, temeer daar Erwin zojuist ook een halfje had gescoord. Het aanbod werd geaccepteerd en VDS kon niet meer verliezen: 4 ‑ 3.

Aan bord 2 speelde Bert Meester tegen de Carla Bruinenberg de Bird. Blijkbaar voelde Bert zich in deze opening beter thuis dan de tegenstander want hij kwam een kwaliteit tegen een pion voor te staan. "Ik moest die kwaliteit wel geven," zei Carla na afloop van de partij en Bert was het daarmee eens. Op een later moment in de partij vroeg Bert aan mij hoe de situatie aan de andere borden was omdat hij het idee had dat hij het zelf een beetje uit handen aan het geven was. We rekenden eigenlijk wel op een heel punt van hem en dus ging de strijd ook hier hard tegen hard verder. Toen uiteindelijk de stand van 4 ‑ 3 op het scorebord prijkte en Bert nog steeds zijn materiële voorsprong had en bovendien over meer tijd beschikte dan de tegenstander, was de tijd rijp voor een remiseaanbod. Dat werd aangenomen en zo werd VDS na een zware avond matchwinner. Eindstand: 4½ ‑ 3½.

We liggen op koers voor het kampioenschap met nog drie wedstrijden te gaan en alles nog gewonnen. Maar de grootste winst van de avond was de prettige sfeer waarin deze zo belangrijke wedstrijd zich heeft afgespeeld. Daarvoor natuurlijk ook dank aan onze gasten van Pallas.

Carlo Buijvoets

Individuele resultaten VDS 1 in de OSBO-competitie 2006-2007 klasse 2B, ronde 4

Bord

VDS 1 (1857)

Pallas 2 (1780)

4½ - 3½

1

M. London (2029)

G.J.A. Burgers (1824)

½ - ½

2

B. Meester (2026)

C.M.I.F. Bruinenberg (1848)

½ - ½

3

E.J. Greven (1866)

J.R. Winkel (1806)

½ - ½

4

C.M. Buijvoets (1760)

W.A. Duvekot (1802)

½ - ½

5

H.H. Schoten (1826)

NOKD

1 - 0 (r)

6

F. London (1784)

W. Wubs (1722)

1 - 0

7

F.L. van den Berg (1840)

S.M.M. de Vries (1722)

0 - 1

8

F.L.W. Wilbrink (1728)

R. Harle (1735)

½ - ½

top