Op 10 januari 2005 speelde VDS 1 voor de vierde ronde van de OSBO-competitie een uitwedstrijd tegen Zutphen 2, geen al te sterke tegenstander met gemiddeld bijna 100 ratingpunten minder dan ons team. Maar door de afwezigheid van basisspelers Erwin Greven, Frits Wilbrink en Kees van Es was de verwachting dat het deze avond niet vanzelf zou gaan. Na twee gelijke spelen en een gewonnen wedstrijd in de eerste drie ronden stond VDS 1 op de derde plaats met slechts één matchpunt achter op de nummers 1 en 2 en een kleine kans op een hernieuwd kampioenschap zat er nog altijd in. Maar omdat VDS reeds tegen de nummers 1 en 2 gespeeld heeft, hebben we het niet in eigen hand en zijn we afhankelijk van een misstap van anderen. Maar voorop stond dus wel dat er gewonnen moest worden. Dat gingen we dus proberen met zoon Martijn en vader Frank London, invaller Carlo Buijvoets, clubkampioen Harm Schoten, nestor Frans van den Berg, invaller Willem van Diggele, teamcaptain Johan van Ommen en invaller en tevens debutant Gerald Visch op achtereenvolgens de borden 1 tot en met 8. Het was überhaupt een wonder dat wij allemaal present waren, want de plaatselijke schaakclub heeft zich verstopt in de diepste diepten van de overigens prachtige Hanzestad Zutphen. Mobiel contact tussen vader en zoon was echter wel nodig om de laatste in de buurt te krijgen en vervolgens ging papa zelf de duisternis in om zijn kroost naar het hofje te loodsen waar SG Zutphen zich verschanst had. Even na achten waren wij compleet en kon de wedstrijd beginnen.
De eerste partij die beëindigd werd was die van Frans. Spelend met wit kreeg hij het Albin's tegengambiet tegen zich en Frans wist met rake klappen aan te tonen dat de wijze waarop zijn tegenstander zich van dit wapen bediende, niet de juiste was. Van Frans ontving ik de hele partij (ook te vinden in de Chessviewer, database Frans van den Berg) voorzien van zijn commentaar.
F. van den Berg (VDS 1) - H. de Vos (Zutphen 2)
1. d4 d5 2. c4 e5 Albin's tegengambiet, beetje dubieus. 3. dxe5 d4 4. Pf3 c5 5. g3 Pc6 6. Lg2 Le6 7. b3 Dc7 8. 0–0 Pxe5 Wit maakt zich niet druk om de pion, temeer omdat er op b7 alweer een in komt te staan. 9. Pxe5 Dxe5 10. Lf4 Dit was de bedoeling. 10. ... Df6 De dame komt nu een beetje in de verdrukking. 11. Pd2 Sterker dan nemen op b7. 11. ... g5?? Ziet Pe4 niet aankomen, zoals bleek uit het gegrom van de zwartspeler na de volgende zet. 12. Pe4 De7 13. Lxg5 f6 Ook dat nog, iets anders was er niet. 14. Lf4 Zie die lopers de zwarte stelling binnenloeren. 14. ... Dd7 15. Dd2 h5 16. e3 0–0–0? (zie diagram) Vraagt om problemen met die lopers, die nu al de zwarte koning insnoeren. 17. exd4 cxd4 18. Da5 b6? a6 had zwart wat meer tijd gegeven, na Db6 en Da7. Nu is het in 1 zet uit. 19. Da6+ en zwart gaf op. Hij kan er alleen de dame tussenzetten, dan kom Pd6+ en Dxb7 mat. (Die loper op g2!!) Zelden heeft een tegenstander het mij zo gemakkelijk gemaakt.
VDS nam dus een voorsprong in de wedstrijd: 0-1.
Niet lang na Frans was het Frank die aan bord 2 als tweede klaar was met zijn partij. Frank was met zijn Caro Kann niet in het voordeel gekomen en liet het deze avond ook na om te offeren. Een betrekkelijk vlotte en regelmatige remise viel hem zo ten deel en de tussenstand kwam daardoor op ½-1½.
Het duurde daarna geruime tijd voor er weer een beslissing viel. Aan het eerste bord was het Martijn die een overweldigende aanval op de vijandelijke koning over de h-lijn bekroond zag met de winst van groot materiaal. Toen dat eenmaal een feit was gaf zijn tegenstander zich gewonnen en kwam de tussenstand op ½-2½.
Invaller en debutant in het eerste team Gerald had in zijn partij met zwart de boel mooi gesloten gehouden en zijn tegenstander kreeg geen vat op zijn stelling. Daarom bood Gerald op een bepaald moment aan het punt te delen en zijn tegenstander ging akkoord. Een prima debuut voor Gerald dus dat beloond werd met een half punt. Tussenstand: 1-3.
Teamleider Johan had met wit aanvankelijk wel een kwaliteit gewonnen, maar zijn tegenstander zette hem daarna wel de duimschroeven aan. Hij begon Johan onder druk te zetten en deze ging weer over tot zijn gebruikelijke overmatige tijdconsumptie. Dat leidde echter niet tot het gewenste resultaat, want op een bepaald moment stond Johan niet alleen beduidend slechter op de klok maar ook een kleine kwaliteit achter. Hij wist het tij niet meer te keren en werd op een nul getrakteerd. Zutphen kwam terug: 2-3.
Het begon inmiddels tegen twaalven te lopen toen pas de volgende beslissing viel. Harm zag een avond hard werken beloond worden met een vol punt. Hoewel hij naast mij zat kan ik mij van de partij helemaal niets meer herinneren dan dat Harm op een bepaald moment een pion voor kwam te staan. Klaarblijkelijk was dat voldoende voor de winst. VDS liep weer uit naar 2-4 en was nog slechts een half puntje verwijderd van de overwinning.
Na de winst van Harm was het Carlo die onmiddellijk remise aanbood aan zijn tegenstander. Daar zat overigens een voorgeschiedenis aan vast. Al veel vroeger op de avond had Carlo aan de teamleider gevraagd of hij remise mocht maken. Hij had vanuit een geweigerd koningsgambiet weliswaar een comfortabele stelling gekregen, maar zijn tegenstander zag alles. Trucjes, combinaties, valletjes: niets leek voor de zwartspeler onvindbaar en overal wist hij zich bijtijds tegen te wapenen. Dat was de reden voor Carlo om het winstplan te laten varen en aan remise te gaan denken. Maar nadat hij bij de teamleider geïnformeerd had realiseerde Carlo zich dat zijn tegenstander wel erg veel tijd had gebruikt om alle finesses te doorgronden. Carlo had ongeveer een half uur meer op de klok staan en hij vond dan ook dat een remiseaanbod altijd nog kon. Misschien zou er een moment komen dat het nodig werd om wel op de winst te gaan spelen. Dus Carlo ging in de wachtkamer zitten, af en toe een zet bedenkend die niets kapot maakte en vertrouwend dat remise minimaal haalbaar was, desnoods door de tegenstander in tijdnood te brengen. Zo tikte de tijd weg en aan de andere borden viel maar geen resultaat. Toen uiteindelijk Harm zijn partij won volgde dan ook onmiddellijk het genoemde remiseaanbod maar de tegenstander van Carlo weigerde dat natuurlijk. Bovendien waren de klokken inmiddels nagenoeg gelijkgetrokken en hadden beiden nog zo'n kleine vier minuten bedenktijd over. Op dat moment zag Carlo een afruil die tot een stelling zou leiden met een symmetrische pionnenstructuur en allebei nog alleen een dame op het bord, met andere woorden potremise! Carlo ging tot die afruil over en enkele zetten later zag ook zijn tegenstander dat verder strijden geen zin had. De vrede werd getekend en Carlo bracht de tussenstand op 2½-4½ en stelde daarmee de winst voor VDS veilig. Hieronder volgt de gehele partij van Carlo die overigens ook is na te spelen in de Chessviewer, Database Carlo Buijvoets.
C. Buijvoets (VDS 1) - R. The (Zutphen 2)
1. e4 e5 2. f4 d6 3. Pf3 Pc6 4. Lc4 Le6 5. De2 Wit voelt er niets voor om zelf tot afruil van de lopers over te gaan omdat hij daarmee niet alleen zijn mooie loper kwijt raakt maar bovendien zwart de half open f-lijn bezorgt terwijl hij die zelf graag hebben wil. 5. ... Dd7 Zwart lijkt de lange rokade voor te bereiden maar ook daar wil wit niets van weten. 6. fxe5 dxe5 7. Lb5 Ld6 8. Pg5 Pge7 9. Pxe6 Dxe6 10. 0–0 0–0 De lange rokade was inmiddels erg onaantrekkelijk geworden wegens de dreiging Lc4 met winst van de pion op f7. 11. c3 Houdt het paard op c6 buiten de deur. 11. ... Lc5+ 12. Kh1 Pg6 13. d3 Tad8 14. Lg5 Td6 15. Pd2 h6 16. Pb3 Dit is puur een tempozet. Als wit eerst Le3 speelt en zwart ruilt de lopers, dan volgt Pf4 in combinatie met Tfd8 en wit verliest de d-pion. Na de tekstzet is zwart genoodzaakt om Lb6 te spelen waarna de loperruil alsnog volgt, maar wit de gelegenheid heeft om zijn d-pion afdoende te dekken. Zwart mag niet nemen op g5 vanwege 17. Pxc5 De7 18. Pxb7 en wit heeft een pion gewonnen. 16. ... Lb6 17. Le3 Lxe3 18. Dxe3 Pf4 19. d4 Dg4 20. Tf2 Tg6 21. Tg1 f6 22. dxe5
Nu was alleen invaller Willem nog aan het werk. Hij stond al geruime tijd een kwaliteit voor maar ook bij hem moest inmiddels de tijdnoodfase zijn aangebroken en dan weet je maar nooit op welke kant het dubbeltje valt. Gelukkig viel het dit keer op de goede kant, want met een kwaliteit voor mag je toch wel stellen dat Willem recht had op de winst. Zo werd de eindstand 2½-5½ en kunnen we toch nog spreken van een ruime overwinning. Enkele dagen later bleek dat Doetinchem, een van de twee teams die boven VDS stonden op de ranglijst, verloren had. Daardoor klimt VDS 1 naar de tweede plaats, nog slechts voorafgegaan door Voorst (What's in the name?). Wel heeft VDS inmiddels een half bordpuntje meer verzameld dan Voorst en een halve misstap van dat team zou ons dus al het kampioenschap kunnen opleveren.
Carlo Buijvoets
Individuele resultaten 4e ronde OSBO-competitie 2004-2005
|
Bord |
Zutphen 1 (1682) |
VDS 1 (1777) |
2½ - 5½ |
|
1 |
A. Sahakian (1734) |
M. London (1974) |
0 - 1 |
|
2 |
T. Molewijk (1622) |
F. London (1808) |
½ - ½ |
|
3 |
R. The (1830) |
C.M. Buijvoets (1788) |
½ - ½ |
|
4 |
H. de Rover (1589) |
H.H. Schoten (1840) |
0 - 1 |
|
5 |
H. de Vos (1651) |
F.L. van den Berg (1784) |
0 - 1 |
|
6 |
W. van Meteren (1612) |
W.J. van Diggele (1639) |
0 - 1 |
|
7 |
W. Rothengatter (1735) |
J.D. van Ommen (1609) |
1 - 0 |
|
8 |
E.D. Eckstein (0000) |
G. Visch (0000) |
½ - ½ |