Op 9 december 2004 speelde VDS 2 in de OSBO-competitie klasse 3c een uitwedstrijd tegen Ugchelen.
Aan bord 1 speelde Carlo Buijvoets met wit zijn geliefde Morragambiet maar dat werd geweigerd. Nu hoeft dat geen ramp te zijn voor het verdere verloop van de partij, maar dan moet je wel weten wat je moet doen. En Carlo's tegenstander wist dat deze avond duidelijk niet. Zijn stoel was nog niet eens warm toen Carlo al klaar was met zijn partij. Zegge en schrijve zeseneenhalve zet duurde het geheel waarna Carlo het punt kon laten bijschrijven. Wat zijn tegenstander bezielde is niet helemaal duidelijk, maar direct na de partij bekende hij Carlo dat hij zijn vorige OSBO-partij ook al heel snel had weggegeven. De totale zettenreeks van Carlo's partij was als volgt: 1. e4 c5 2. d4 cxd4 3. c3 d5 4. exd5 Dxd5 5. Pf3 Lg4 6. Da4+ Dc6?? 7. Lb5 (zie diagram) 1-0. Maar laat duidelijk zijn dat de tegenstander van Carlo veel beter kan schaken dan deze partij doet vermoeden. In twee vluggertjes die ze daarna speelden, wist hij dat overtuigend aan te tonen. Desalniettemin, tussenstand: 0-1.
André Schols speelde aan bord 3 met wit zijn lijfopening, de Sokolski. De partij van André is na te spelen in de Chessviewer, database: OSBO. Zijn tegenstander liet echter op geen enkele manier blijken verrast te zijn en speelde de opening dan ook goed, zo goed zelfs dat ik op een bepaald moment donkere wolken zag hangen boven André's hoofd. De zwartspeler had het heft in handen genomen en startte een aanval op de witte koning, daarbij niet nalatend een stuk, in dit geval een paard, te offeren. Dat was de redding voor André. Had de zwartspeler één zet eerder een loper geofferd, dan was het slecht met hem afgelopen maar na het paardoffer wist André met de verdedigende zet 22. Tf3 de aanval van zijn tegenstander tot staan te brengen. Nu stond André een stuk tegen één pion voor en de winst liet niet lang meer op zich wachten. Zes zetten later capituleerde de zwartspeler toen hij meende dat zijn dame gevangen was. Dat bleek in de analyse echter niet zo te zijn, maar de tussenstand stond inmiddels wel vast: 0-2.
Aan bord 5 speelde Frank Nelemans met wit nu eens niet de Réti-opening maar gewoon 1. d4. Dat het voor de beide combattanten een spannende partij was, moge blijken uit de opmerking van de zwartspeler die, nadat hij van Frank een drankje had gekregen, zei: "Proost, op deze wild west partij." Daardoor werd mijn belangstelling getrokken en bij nadere beschouwing bleek Frank een offensief op de koningsvleugel te hebben gelanceerd in de vorm van een pionnenstorm. Na de partij merkte zijn tegenstander hierover op: "Ik heb h3 en g4 laten komen maar ik moest wel agressief verdedigen." Dat is hem klaarblijkelijk goed gelukt, want na 18 zetten werd hier de vrede getekend en bij een tussenstand van ½-2½ was VDS nog één puntje van de overwinning verwijderd.
Aan de resterende drie borden zag het er op dat moment erg remiseachtig uit en we maakten ons dan ook geen zorgen over de afloop van de wedstrijd. Aan bord 2 speelde Hans Hertgers een degelijke partij en met zwart had hij lange tijd het initiatief. Kortom, remise was hier de slechtst denkbare uitslag voor VDS 2. Aan bord 4 speelde Arie een soort Hollandse partij en hier was het materiaal sterk uitgedund en hadden beide spelers nog een dame en een toren en zes pionnen. Hier zou het wel remise worden, was de algemene verwachting. Aan bord 6 speelde onze debutant Gerald Visch met zwart zijn degelijke schaak achter de eigen linies en zijn tegenstander had tot op dat moment geen bres kunnen slaan in Geralds verdediging. Ik stelde Frank dan ook voor om Gerald remise aan te laten bieden. Dat zou tactisch verantwoord zijn om twee redenen. Ten eerste zou de tegenstander indien hij het afsloeg, mogelijk onverantwoord op winst gaan spelen. Ten tweede zou, bij het accepteren van het aanbod, het gelijke spel in ieder geval veilig gesteld zijn. Gerald bood een zet later dan ook remise aan door:
1. Een zet uit te voeren,
2. Na een korte pauze remise aan te bieden en
3. Vervolgens zijn klok in te drukken.
Helemaal correct dus. Echter, gedurende de korte pauze tussen 1 en 2 had de tegenstander van Gerald zijn zet alweer op het bord uitgevoerd. Gerald had inmiddels dus wel de klok van de tegenstander in werking gezet terwijl die niet aan zet was. De tegenstander was klaarblijkelijk verrast over het remiseaanbod maar vergat niet de klok opnieuw in te drukken. Nu was er even wat onduidelijkheid over of het remiseaanbod nog wel geldig was, maar de witspeler ging in elk geval wel even bij zijn teamleider informeren over wat te doen. Gezien de tussenstand in de wedstrijd was diens antwoord zoals te verwachten: "Doorspelen!" En zo ging ook hier de strijd verder.
Korte tijd later was het eerst Arie die pardoes een pion weggaf in een stelling waarbij inmiddels ook de torens van het bord verdwenen waren en beide partijen dus enkel nog over een dame beschikten naast hun handvol pionnen. Mijn oordeel was op dat moment dat het natuurlijk jammer was van dat ene pionnetje, maar dat de stelling nog steeds houdbaar was.
Bij Hans op het bord deed zich op bijna hetzelfde moment iets identieks voor. Nota bene bij het doen van een remiseaanbod op de 22e zet beging Hans een onnauwkeurigheid (22. … Ke7-d7 23. Tf3-f7+) die ook hem een pion ging kosten (zie diagram). Het remiseaanbod werd dan ook gedecideerd afgewezen.
Ondanks het morsen van pionnen links en rechts hadden André en Carlo dusdanig veel vertrouwen in een goede afloop dat ze besloten een deurtje verderop de verrichtingen van VDS 1 in hun thuiswedstrijd tegen Schaakstad 6 te gaan aanschouwen. Of de afwezigheid van hun support enige rol heeft gespeeld in de afloop van de wedstrijd tegen Ugchelen zal wel altijd een onbeantwoorde vraag blijven, maar feit is dat tegen middernacht teamcaptain Frank Nelemans met een bedroefd gelaat het Dorpshuis in Beekbergen betrad om ons mee te delen dat de wedstrijd in Ugchelen met 0-0-0 (drie nullen op een rij) voor VDS 2 geëindigd was. Hans, Arie en Gerald hadden alledrie hun partij verloren en daarmee VDS 2 de wedstrijd met 3½-2½. Dit is des te triester omdat Ugchelen al een wedstrijdpunt meer dan VDS had en nu dus op drie wedstrijdpunten voorsprong komt. Na twee keer verlies en een keer winst denk ik dat de kampioensaspiraties van VDS 2, zo die er al waren, hiermee naar de prullenbak verwezen zijn. Volgend seizoen op herkansing.
Carlo Buijvoets
Individuele resultaten 3e ronde OSBO-competitie 2004-2005
|
Bord |
Ugchelen 1 (1630) |
VDS 2 (1663) |
3½ - 2½ |
|
1 |
R. Izaks (1741) |
C.M. Buijvoets (1788) |
0 - 1 |
|
2 |
H. Hulleman Jr. (1617) |
J. Hertgers (1670) |
1 - 0 |
|
3 |
J. van Vulpen (1634) |
A.C. Schols (1687) |
0 - 1 |
|
4 |
M. Reimerink (1677) |
A.W. van Veen (1624) |
1 - 0 |
|
5 |
J. Post (1610) |
F. Nelemans (1547) |
½ - ½ |
|
6 |
H. Hulleman Sr. (1501) |
G. Visch (0000) |
1 - 0 |