Kauw, Willem en Vuist
(Bericht van Terschelling nr. 5)
Op dit eiland was ik getuige van een knap stukje intelligentie, zoals ik die
op de Veluwe en al helemaal niet bij dat kleine schaakclubje ooit ben tegenkomen.
Het verhaal: Teneinde bij mijn gevleugelde vriendinnen in het gevlij te komen
had ik ruimhartig pinda’s en vetbollen in mijn tuin opgehangen. Om de “rovers”
als kraai, kauw en ekster het wat moeilijk te maken had ik de bollen aan een
touwtje gehangen.
Een kauwtje had daar geen boodschap aan en met snavel en poot hengelde deze
bolleboos in no-time een net pinda’s binnen snavelbereik. Zoiets werkt wel
inspirerend. Ik ben benieuwd wat ikzelf noch binnen kan hengelen.

Terug naar Terschelling. Er is op dit eiland een bloeiend verenigingsleven.
Navraag bij de eilanders leerde mij dat dit stopt zo gauw de toeristen weer
binnen komen druppelen. Statistisch gezien moet iedereen in de winter de hele
week elke avond naar zijn clubje toe, waarbij, dat begrijpt u, de Jutterbitter
rijkelijk vloeit. Zo stond er in “de Terschellinger” een mooi verslag van de
Willem-club, waarvan elke Willem op het eiland automatisch lid is.
Een mooi excuus om, netjes in het zwart gekleed, met alle Willemen een avond te
stappen en te ouwehoeren (excusez le mot). Zelf ben ik nu lid van de schaakclub
en de bluesclub The Sleeping Hunter.
Ik wil nu iets heel anders met u delen. Mijn stelling is dat vrouwen geen vuist
kunnen maken. Het is echt geen gezicht als zo’n tennismeisje haar vuist balt.
Let maar eens op.
Vrouwen ballen hun vuist met een “lullig” duimpje naar boven, echt geen
gezicht. Ik heb dit ook wetenschappelijk onderzocht door aan verscheidene
personen van het vrouwelijk kunne te vragen om hun vuist te ballen. Ik kwam
niet meer bij. Geef mij maar een stevige mannenvuist.
Frank, lacht in zijn vuistje (had een alcoholcontrole)