Heckinkje, LeoBlokhuisje en
Herbstmeister
Ik heb weer een “Heckinkje”. Trouwe lezers en fans weten wat ik daarmee bedoel: een zinnetje, dat je niet meer uit je kop krijgt. Mijn nieuwe adres op Terschelling is Oude Duinweg 3 en nu piept elk moment ”Oude Maasweg, kwart voor drie” tevoorschijn. Ik hoef popkenners niet te vertellen dat dit zinnetje uit een song van The Amazing Stroopwafels komt. Goed, dan ook nog een “LeoBlokhuisje”.

Oude Maasweg is een bewerking van
Leon Russell’s Manhattan Island Serenade.
In 1970 zag ik in de RAI in Amsterdam de concerttour Mad dogs and Englishmen met Joe
Cocker en Leon Russell. In het
voorprogramma stond een fantastische bluesknakker, Freddie King. Van die Freddie
King kreeg ik een grote knuist bij het popfestival in Lochem, 1970. Maar Freddie had nog meer fans. Sir John Mayall (speelde nog met Slowhand Eric Clapton) maakte in 2007
een tribute-cd. Ik zag hem samen met de Patron in Valence en… we moeten nu
eindelijk afronden, bij een recent optreden in Hardenberg kocht ik die tribute-cd,
gesigneerd en met een stevige handshake. Dit noem ik nu een “LeoBlokhuisje”.
Allemaal feitjes waar je geen flikker aan hebt. Dan maar weer schaken.
Na Twello hebben we weer een lid die Herbstmeister geworden is. Ja, dat ging
makkelijk. Schaken is niet alleen techniek, maar ook erg veel psychologie. In
Tascbase kijken tegen welke opstelling Martijn het slechtst scoort; De
wedstrijdleider vragen een copieuze maaltijd te bereiden; Een prikkelende
opmerking maken; Een paardje verorberen; In het heetst van de strijd a6 en
daarna a5 spelen (tot ergernis van de tegenstander en het publiek); De vlag
lekker mee laten spelen. Het is zo oneerlijk dat na het prehistorische (zie
vorige column) afbreken blijkt dat zoonlief nog goede remisekansen heeft met
twee (!) pionnen achterstand.
Ik vertrek.
Frank, in de Herbstblühe van zijn leven
Heckinkje © fl
LeoBlokhuisje ©fl