terug naar nieuws

Fiets, Eskimo en Ebstrand
(Bericht van Terschelling nr.  33)

Kan iemand me mijn dromen uitleggen? Schavuit Bernard had een adellijke dame die elke week ten paleize kwam. Welke dame van goede komaf wil mij helpen? Wat wil het geval.
Ik heb een terugkerende droom: mijn fiets wordt altijd gestolen. Ik hoef mijn kont maar te keren of hup, fiets weg. In het echte leven, de wakkere wereld, behoor ik tot de kleine minderheid wiens fiets nog nooit gestolen is. Je kunt dus niet spreken van een trauma.
Dames help mij.
De droom is altijd al een goed vehikel geweest om zaken eens goed te vertellen. Natuurlijk Martin Luther King. Maar wat te denken van Randy Newman. Een droom in een droom om z’n ex te grazen te nemen, tenminste dat denk ik.

Last night I had a dream
You were in it, I was in it with you
Everyone that I know
And everyone that you know
Was in my dream
I saw a vampire
I saw a ghost
Everybody scared me but you
Scared me the most
In the dream I had last night
In my dream

arts-graphics-2006_1173562a

Moet kunnen, bijna zo erg als Leonard Cohen:

An Eskimo showed me that movie he’d recently taken of you
Why, the poor man could hardly stop shivering
His lips, his fingers were blue
I suppose he froze when the wind tore off your clothes
And I, I guess he just never got warm

Dat zijn geen liedjes meer dat zijn gedichten.
Nu moest er natuurlijk iets over dromen en schaken komen. U kent mijn kritische volgers.
Donner moest zeker zoiets geschreven hebben en dat gaf mij de gelegenheid de Dikke weer eens door te bladeren. Het werd een latertje en ik heb nu nog kramp in de handen, maar ik heb het gevonden. Ik kwam nog schaken en bridge en schaken en vlinders vangen tegen. Prachtig allemaal, maar voor een volgende keer. Nu zijn droom om aan te geven hoe hij tegen Smyslov opziet:

             “De zee is zwart, zoals de gestalte voor mij. Wij staan aan een oneindig breed ebstrand, ik en de ontzaglijke man vóór mij, wiens bergachtige persoon de zon verduistert, zodat geen glimp van het licht meer tot mij doordringt. Ik sta dood te bloeden, de vlekken in het zand zwart als de zee. Ik sterf een oneindig lange dood. Weken, maanden. Veertig jaar.
Als ik verschrikt wakker word, weet ik direct dat ik tegen Smyslov moet spelen.”

Tsja, dan is over een gestolen fiets dromen wel erg banaal. Al zou een verklarende dame van goede komaf er waarschijnlijk een andere uitleg aan geven.

Frank, uw ghostwriter

top